A. Weelen maakte in 1985 een getrouwe kopie van de zeillogger VL136 ‘Noordwijk’. De VL136 was eigendom van een Noordwijkse reder, vandaar waarschijnlijk ook die naamgeving: ‘Noordwijk’. De reder was Engel Smit (1833 – 1916). Smit trouwde op 25-jarige leeftijd Noordwijk – op 7 januari 1859 – met Catharina van der Schalk, ook uit Noordwijk (1834-1906), dochter van Cornelis van der Schalk, scheepstimmerman én reder. Nadat hij als stuurman op een koopvaardijschip had gevaren, werd hij vanaf 1867 zelf reder in Noordwijk aan Zee, mogelijk als erfgenaam en opvolger van zijn schoonvader die in 1869 zou overlijden. Hoe dan ook bestierde Engel een redelijke vloot, want hij bezat op enig moment de volgende schepen:

  • NW1 De Vrouw Catherina
  • NW2 De Jonge Leendert
  • NW3 Johannes en Engelbert
  • NW3 De Jonge Cornelia
  • NW3 Koningin Wilhelmina
  • NW4 Willem Beukelszoon
  • NW5 Alida en Maria
  • NW20 De Jonge Dirk
  • NW29 Margaretha en Maria en dus de
  • VL136 Noordwijk

“VL” staat voor Vlaardingen (zoals verschillende lezers mij – met dank! – melden. Ik verkeerde in de veronderstelling dat VL stond voor Volendam, maar dan had het “VD” moeten wezen). Ik begrijp nu ook wel waarom deze Noordwijkse schuit in Vlaardingen geregistreerd stond. Het was een logger en die had nooit vanuit Noordwijk uit kunnen varen: loggers zijn niet a la een bomschuit het strand op- of af te slepen en moeten een heuse haven hebben om aan te meren. Dat was Vlaardingen dus, waar ook veel Katwijkse schepen geregistreerd stonden. Feit is dat de VL36 in mei 1894 met andere schepen ter haringvisserij trok, niet vanuit Noordwijk zoals onderstaand bericht suggereert, maar vanuit Vlaardingen dus. Onder de bezielende leiding van schipper Leendert van der Wiel (1844-1918), een heuse Noordwijker.