overduin

Dominee en verzetsheld Leendert Overduin (1900 – 1976) was Leidenaar van geboorte. Zijn vader, een sociaal bewogen man van hervormde huize met een sterk rechtvaardigheidsgevoel, runde er een textielwinkel aan de Hogewoerd.

Na staatsexamen te hebben gedaan ging Leendert in 1930, al bijna dertig jaar oud, theologie studeren aan de Vrije Universiteit. In 1935 slaagde hij voor zijn proponentsexamen en preekte vervolgens diverse keren ‘op beroep’ in de gereformeerde kerken, zonder resultaat. In 1937 sloot Overduin zich bij de gereformeerde kerken in Hersteld Verband aan en werd predikant in Enschede. Een begaafd kanselredenaar was Overduin niet, evenmin een begenadigd theoloog; zijn kracht lag in het pastoraat, vrucht van de sociale bewogenheid, die hem met de paplepel was ingegeven en hem in de donkere jaren ’40-’45 tot de reddende engel van honderden Enschedese joden maakte. Samen met onder meer zijn zussen Maartje en Corrie zette Overduin namelijk een organisatie op die joodse medeburgers aan onderduikadressen hielp. In november 1942 werd Overduin gearresteerd, maar door toedoen van een ‘goede’ Enschedese politie-inspecteur kwam hij vrij. Een klein jaar later liep Overduin opnieuw tegen de lamp en belandde hij negen maanden in de gevangenis. In maart 1945 werd Overduin voor de derde keer opgepakt en leek zijn lot bezegeld, maar tijdens een moment van onoplettendheid slaagde hij erin te ontsnappen.

Honderden joden, waarschijnlijk meer dan duizend, behoedde hij voor deportatie. Een van de geredden zorgde ervoor dat Overduin in 1973 de Yad Vashem-penning werd toegekend. Maar de predikant, die de bescheidenheid zelve was, weigerde de joodse onderscheiding in ontvangst te nemen. Hij had gedaan wat hij moest doen, en eigenlijk was dat nog te weinig geweest.

Hoe sterk Overduins drang naar rechtvaardigheid was bleek na de bevrijding toen hij zich met dezelfde inzet en overgave ging inzetten voor vervolgde NSB’ers. Een storm van kritiek was zijn deel, maar Overduin hield zich staande, gesteund door zijn gemeente die hem boven alles waardeerde om zijn ontwapenende mededogen. Sinds 1946 was Overduin verbonden aan de hervormde gemeente van Enschede, nadat de Hersteld-Verbandgemeente als geheel naar de hervormde kerk was overgegaan. Overduin, die op latere leeftijd in het huwelijk trad, legde zijn predikantschap in 1972 neer en overleed vier jaar later. Om zijn graf stond een bont gezelschap verzameld van joodse overlevenden uit de bezettingsjaren, voormalige verzetsstrijders en oud-NSB’ers.

Dat alles in het kort over het even sociaal-bewogen als heldhaftige leven van Leendert Overduin. Maar er was nog iets: in 1947 vierde Overduin van een welverdiende vakantie in Noordwijk aan Zee. Toen een vrouw in zee dreigde te verdrinken ging hij onverschrokken de zee in en bracht de vrouw levend en wel terug aan het strand. De burgemeester van Noordwijk vond dat een onderscheiding waard. Bij de uitreiking van een vetleren dorpsmedaille bekende Overduin desgevraagd dat hij helemaal niet kon zwemmen. Ook bij die gelegenheid moet hij de bescheidenheid zelve zijn geweest, maar die Noordwijkse onderscheiding weigerde hij niet.

NOTA BENE De geciteerde passages zijn in flarden afkomstig van de website ‘Protestant-Nu’ uit een biografie van Leendert Overduin door Peter Bak (11 juli 2011).