Een kopergravure van Hendrik Spilman uit 1750, naar een tekening van Abraham de Haan uit 1739, van de kapel in het Langeveld. Hendrik van den Hoonaard maakte er aan de hand van deze gravure een schilderij van. Er is ook een boek over de kapel verschenen van de hand van Jan van der Elst Maud Mommers, waaraan ik onderstaande samenvatting ontleen: Vijf eeuwen wist de Langeveldse kapel de tijd te trotseren. Het bijzondere verhaal erachter is een mengelmoes van feiten en fictie. Zoals de legende van de edelman die voor de kust van Noordwijk in een storm terecht kwam. In doodsangst tot de Heilige Maria bad en als dank voor zijn redding deze kapel liet bouwen. Vijf eeuwen (van 1330 tot 1880) wist de kapel de tijd te trotseren. Wat er nu nog van rest zijn enkele gedenkstenen, die naast de Maria ter Zee kerk aan de Nieuwe Zeeweg zijn geplaatst.
Het verhaal van de kapel in het Langeveld laat controleerbaar zien dat de Hollandse graven met de geschiedenis van het gebedshuis verbonden zijn geweest. Waarom reisden in de achttiende eeuw kunstenaars naar het Langeveld om het kerkje ter plekke te tekenen? Het antwoord op deze vraag leidt niet alleen naar bezitters van nabij gelegen buitenplaatsen, maar ook naar geleerden als Boerhaave en Linnaeus. In de ondergang van het gebouw spelen de graven van Limburg Stirum een aparte rol, evenals het niet benutte legaat van baron Gerlach van der Does. Tevens blijkt uit het boek dat Jan Kloos en alle historici nadien aan de hand van J. Alberdingk Thijm in fabeltjesland verdwaalden.