Mooi beeld door Hendrik Jan van den Hoonaard, die inmiddels een schitterende collectie ‘Noordwijk-schilderijen’ heeft opgebouwd. Deze is van de Noordwijkerhoek met rechts Café Schoonzicht, uitgebaat door ene Compier. Schoonzicht deed ook al eerder dienst als pleisterplaats voor vermoeide reizigers die met de trekschuit onderweg waren langs de Leidsevaart (of heette het hier toen al Haarlemmertrekvaart?). Hoe dan ook. De boerderij ter linkerzijde kan ik niet thuisbrengen, maar als ik het wel heb staat die al niet meer op Noordwijks grondgebied.

Nota Bene Naar aanleiding van dit blogje komen er verschillende reactie los. Hendrik Jan citeert uit een verhaal in De Blauwdotter (nr.143) van de hand van Willem Baalbergen: Het linkerbouwwerk is de hoeve “Uitermeer”, eerder de “Zwarte Leeuw” geheten. Die boerderij lag op het grondgebied van Voorhout. Er was een gelag- en postkamer gedurende de 17e en 18e eeuw en mogelijk kon men hier ook instappen op de trekschuit. Rond 1843 werden bovengenoemde faciliteiten opgeheven met de komst van de treinverbinding; Haarlem-Leiden. ‘Wtermeer’ (oude spelling) werd in 1913 gesloopt.

Wim meldt dat zijn grootvader en diens broer op die plek een boerderij hadden, die op last van de Duitsers in 1943 moest verdwijnen. Hij draagt nog onderstaande beelden aan: van de oude boerderij:

en van café Schoonzicht:

Ron komt met nog andere beelden aandragen van deze plek. Daaronder een soortgelijk, zij het iets ander schilderij van Hendrik Jan van den Hoonaard:

Dat schilderij lijkt te zijn geïnspireerd op onderstaande oude, anonieme tekening:

Ook dit beeld komt bij Ron vandaan, het geheel bezien vanaf de andere kant van de brug:

Er is dit ongedateerde bericht uit een onbekende krant:

En tenslotte: een beeld van een steen, ingemetseld (?) in de oude brug met daarop “1642 – Uitermeer.” Maar Hendrik-Jan vermeldt over deze steen nog het volgende: “deze kwam oorspronkelijk uit de gevel van de gelijknamige buitenplaats, bij Lisse. Dit bouwwerk raakte in de loop van de 19e eeuw dermate in verval dat het moest worden afgebroken. De gevelsteen werd later teruggevonden in de oever van de Ringvaart, waar het met andere stukken muurwerk diende als beschoeiing. Op enigszins onnavolgbare wijze kwam deze gevelsteen bij de hoeve aan de Noordwijkerhoek terecht, kennelijk was deze stee op dat moment naamloos of kon men de oude naam “Zwarte Leeuw” niet meer gebruiken want dat was immers het wapen van Noordwijk. De gevelsteen met de naam: ” Wtermeer” loste zo kennelijk het probleem van de naamsgeving op en de rest is geschiedenis.”