parijssss44

In de zomermaanden van 1901 ontspon zich in Noordwijk een echte eierenoorlog tussen L. van der Plas uit de Bronckhorststraat en J. Zoetendaal. De oorlog werd uitgevochten over de ruggen van nietsvermoedende klanten uit Katwijk via advertenties in de Leidse krant. Het ging schijnbaar over de vraag of men nu wel of niet in eieren handelde uit een hoenderpark of niet. Het verschil – zeg maar – tussen eieren uit de legbatterij en scharreleieren. Het begon met bovenstaande advertentie van Zoetendaal, waarin hij de Katwijkse medemens waarschuwde voor het feit dat Van der Plas zijn eieren in ieder geval niet haalde bij het Noordwijks Hoenderpark.

Op 6 juli deed Van der Plas nog of zijn neus bloedde. Hij verkondigde doodgemoedereerd dat hij ‘groote versche kippeneieren’ in de aanbieding had via tussenhandelaar Kuijt in Katwijk.

parijssss3

Op 20 juli vond Zoetendaal het blijkbaar nodig om de Katwijkers mede te delen dat de eieren van van der Plas in ieder geval niet afkomstig waren van het Hoenderpark Diana van Gijs van Parijs, maar van een firma in Gelderland én kisteieren uit Rotterdam. Zoetendaal had daarbij steun geregeld van Gijs van Parijs himself, die in een aansluitende advertentie meldde dat Zoetendaal groot gelijk had:

parijsss

Op 27 juli ging Zoetendaal nog korter door de bocht: hij suggereerde dat zelfs dat het Vreemdelingenverkeer in Katwijk én Noordwijk gewaarschuwd werd voor Van der Plas als ‘handelaar in kisteieren.’ Van der Plas liet weten geen zin meer te hebben om op dat soort van aantijgingen nog te reageren.

parijsss2

Toch bedacht Van der Plas zich nog diezelfde dag. Hij ging simpelweg over tot de tegenaanval met de mededeling dat die hele Zoetendaal wel drie keer zoveel eieren betrok bij een handelaar uit Leiden dan verse eieren bij Gijs van Parijs:

parijs77

Wat waar is en wat niet waar is, zal wel altijd in het midden blijven hangen. De Leidse kranten gingen redactioneel helemaal niet op deze eierenoorlog in. Er zijn ook geen berichten dat Zoetendaal en van der Plas elkaar ergens op het Lindenplein te lijf zijn gegaan en elkaar de ogen hebben uitgekrabt. Op enig moment zal de lieve vrede wel weer getekend zijn, neem ik aan.