raal

Antonie van Raal van Konijnenburg bezit de nodige faam in Noordwijk, als de stamvader van het (eerste?) pension aan Zee. Minder bekend is dat hij en zijn familie al gedurende tientallen jaren uitbater waren van het Hof van Holland in Noordwijk-Binnen. Deze advertentie maakt van die band tussen beide etablissementen genoegzaam gewag.

Los daarvan en met alle respect: er is toch iets aan de hand met die naam “Van Raal van Konijnenburg”. Op de een of andere manier lijkt die naam niet erg serieus genomen te zijn in Noordwijk. Het vermoeden bestond blijkbaar dat Van Konijnenburg gewoon de naam ‘Van Raal’ erbij geplust had, om een zweem van adeldom te verwerven. IJdelheid. Dat ontlenen we ook uit het gegeven dat Antonie zich weliswaar van een dubbele naam bediende, maar zich nimmer ‘jonkheer’ of iets dergelijks heeft durven noemen (dat waren vast en zeker beschermde titels).

We ontlenen dat ook aan het gegeven dat er in Noordwijk enigszins spottend met Van Raal van Konijnenburg werd omgegaan: Henriëtte van der Schalk vierde haar verloving met Roland Holst in “het Châlet van Jonkheer van Konijnenburg”, waarmee ze doelde op het toch niet erg indrukwekkende pension aan zee (dat was meer een uit de hand gelopen visserswoning). En overal in Noordwijk sprak men over beide etablissementen als over “Knijn-Binnen” en “Knijn-aan-Zee”. En Antonie zelve stond in de Noordwijken ook wel bekend als ‘Dikke Toon’. En toch. Toch was Antonie de profeet van het nieuwe Noordwijk, de aartsvader en bouwpastoor van de bloemenbadplaats Noordwijk. Wany met de bollen en met het baden in zee bemoeide hij zich, in beide gevallen wellicht als de eerste!