Hij is gelegen in één van de betere buurten van Kijkduin, de Noordwijkselaan en er is niks mis met die naam natuurlijk. Er is ook een Noordwijkstraat in Scheveningen. Ook niks mis mee. Maar toch ging aan de naamgeving van laatstgenoemde straat een dispuut vooraf dat in kleine kring de glazen op tafel deed rinkelen.
Willem Moll (1888-1962) was gemeentesecretaris van Den Haag van 1923 tot 1953 en in die hoedanigheid was hij ook nauw betrokken bij de Haagse straatnaamgeving. Eigenlijk is dat te simpel gezegd en geschreven: Willem Moll wás de straatnaamgever, of er nu commissies rondom hem benoemd werden of niet, of hij belaagd werd door conservatieve wethouders of hobbyistisch ingestelde raadsleden of niet.
Van de straatnaamgeving had hij uiteindelijk bijna een wetenschap gemaakt. Toen hij na zijn pensionering door de Naamkundecommissie van de Koninklijke Akademie van Wetenschappen gevraagd werd iets te vertellen over zijn werkzaamheden als straatnaamgever, doopte hij die toespraak ‘De moderne praktijk van de straatnaamgeving’ (1953).
In één geval is bekend dat hij heftig op de barricaden moest en dat was bij de naamgeving van de Noordwijkstraat. Moll hanteerde opvatting dat bij gebruik van plaatsnamen altijd het achtervoegsel ‘-se’ moest worden gehanteerd, wanneer de betreffende straat of weg daadwerkelijk naar de betreffende plaats leidde: zo ging de Loosduinseweg naar Loosduinen, de Scheveningseweg naar Scheveningen, enz. Maar de Noordwijkstraat voerde helemaal niet naar Noordwijk, die hield gewoon op twee plaatsen in Scheveningen volledig op. Toch eiste men dat deze straat ‘Noordwijksestraat’ werd gedoopt, maar Willem Moll hield voet bij stuk en won.
Over de Noordwijkselaan in Kijkduin ging hij toen nog helemaal niet, want dat viel onder de toen nog zelfstandige gemeente Loosduinen. Nu is het anders en kent Den Haag zowel een Noordwijkselaan als een Noordwijkstraat!
