Ruud1

Aan het begin van de jaren tachtig was hij de kopsterke spits van de v.v. Noordwijk. Snel en fanatiek en een goeie neus voor de goal, maar bij tijd en wijle ook niet vooruit te branden. In zulke gevallen begon de staantribune aan de zeekant hem op te fokken (hij werd wel vaker een beetje genegerd: ze riepen ‘ rooie’  naar hem vanwege zijn haarkleur en ze jenden hem ook omdat hij geen autochtone Noordwijker was, maar daarvan waren er meer). Je zag hem in beweging komen, steeds fanatieker en steeds feller en soms ook steeds onbesuisder.

Hij en de staantribune aan de zeekant kwamen pas weer tot rust als hij zijn goal gemaakt had (in mijn herinnering maakte hij er in die omstandigheden altijd één). In 1973 werd hij met Noordwijk algemeen landskampioen bij de amateurs. Tegen RBC en in 1980 weer tegen Xerxes, maar ik weet niet meer of hij in die wedstrijden ook scoorde.

In 1999 was hij weer even terug, als trainer ditmaal, en hij maakte Noordwijk prompt weer kampioen, een sterk staaltje als je bedenkt dat dat kampioenschap sindsdien ver weg gebleven is. Hij was ook de ontdekker van Edwin van der Sar die toen in de A1 van Noordwijk keepte.

Vanavond zat hij in Holland Sport als kaartvriendje van Louis van Gaal. Hij was weer de leukste thuis en hij mocht met zijn maatjes op de racefietsen klimmen voor het traditionele wielerspel. Je zag Ruud Bröring weer in beweging komen, steeds fanatieker en steeds feller en ook steeds onbesuisder. En hij won weer, afgemeten precies en zijn naam kwam glorieus in beeld.

NOTA BENE Ruud reageerde zelf op dit verhaaltje en we hebben er gelijk weer een mooie anekdote bij:

Klopt helemaal dit verhaal alleen om mij ‘Rooie’ te noemen deed mij niets. Pas toen Adriaan van Rooyen sarrend: “Bröring Hoogwaak” begon te zingen raakte me dat enorm.
Ik weet nog dat ik bij een ingooi, toen Adriaan weer aan het zagen was op die ‘Zee-tribune’, tegen de scheids zei: “Ik ga even iets recht zetten!” Met de bal onder mijn arm stapte ik de tribune op, stierde op Adriaan af, pakte hem bij zijn kraag en vertelde hem dat ik hierdoor niet beter ging spelen en hij met zijn negatieve teksten de ploeg benadeelde. “Probeer eens wat positievere teksten”, beet ik hem toe. Vanaf die dag deed hij dat ook. Zelfs als ik beroerd speelde bleef hij me verbaal steunen. Het jaar daarop in 1980 was ik 33 jaar, speelde ik mijn beste wedstrijd en werden we glorieus Landskampioen, met dank aan Adriaan.