katwijk

De prent werd uitgegeven door D.J. Couvee “Ten voordeele der Vereeniging tot Ondersteuning van Weduwen en Wezen van verongelukte Visschers te Katwijk en Noordwijk aan Zee in 1868.”Met op de achtergrond de dorpen Noordwijk en Katwijk staat iedereen uit te kijken over zee of de bomschuiten nog wel terug zouden keren. Veel vrouwen hechten er geen geloof meer aan en deppen met kledingstukken hun tranen. Mooi is weer wel dat de dorpen Noordwijk en Katwijk zich in deze ellende blijkbaar dicht bij elkaar voelden. Dat is wel eens anders geweest.

Onder de prent staat een gedicht van dominee E.Laurillard (1830-1908) uit Amsterdam. Hij schreef verschillende boeken, zoals Spreuken en Gezegden aan den Bijbel ontleend, maar ook gedichten die gelieerd waren aan historische of folkloristische feiten. In dit geval van de Noordwijkse en de Katwijksevissersmannen was het allemaal wat meer gekoppeld aan een wat zwaarmoedig, maar toch troostend Godsbesef:

Gods hand gebiedt den storm, Gods hand ontboeit de baren

O sterveling (aanschouwt) vol eerbied’s Heeren kracht

En mocht gij twijflend staan, omdat door storm en winden

In menig huis en hart de rouw wordt uitgebracht

Bedenk dat velen dan, door broederzin bewogen

Gereed zijn om te doen al wat de smart verzacht.

En dat het minnend hart een blijk is van Gods liefde

Gelijk het rouwend hart terugwijst op Gods macht.