Vanaf het begin heb het altijd een mooi beeld gevonden. Maar ook in overdrachtelijke zin ‘een mooi beeld’: op de scheiding tussen land en water een godheid die staat voor begin en einde, voor openen en sluiten. En tegelijk staat hij ook voor de overgangen tussen die uitersten: hij symboliseert verandering en overgang van verleden naar heden en van heden naar toekomst. Hij is symbool voor de overgang van jeugd naar ouderdom, voor het verschuiven van standpunten van a naar b, van licht naar donker. Symbool ook voor het bewegende universum (ook al wist men aanvankelijk niet dat het universum überhaupt bewóóg). De god Janus was een Etruskische god, die later ook in het Romeinse godendom wist door te dringen. Hij is de naamgever van de maand januari.
Wie er ooit op het idee gekomen is om juist Janus op dat in 1967 gerenoveerde Vuurtorenplein te zetten weet ik niet. Ik weet ook niet wie het beeld gemaakt heeft. Aanvankelijk vormde het beeld wel een mooie gimmick samen met die fontein en waterval, die er deel van uitmaakten. Maar ik geloof niet dat iemand wist waar het precies voor stónd en geloof ook niet dat veel mensen zich er voor interesseerden. Zo overdadig als het water op deze foto vloeit, zo overdadig heb ik het maar weinig gezien (of het moet die keer geweest zijn dat men een pak Dreft in het water had gedaan).
Om de één of andere reden raakte de fontein steeds meer opgedroogd en ook in verval, zoals het hele Vuurtorenplein. Ook dat is een deel van de lijn die Janus verbindt: van gisteren naar vandaag, maar ook – hoe hoopvol – van vandaag naar morgen. Ik koos deze Janus een jaar geleden bij het begin van dit BLOG als pasfoto. Ik geloof wel in deze god. Hail him!
