fotofotoZe zaten gebroederlijk naast elkaar aan de kop van de Hoofdstraat of aan het Jan Kroonsplein of het Palaceplein – ik weet eigenlijk niet hoe het daar precies heette. De ene – de Groko – verkocht alleen maar ijs, zelfgemaakt ijs, ten bewijze waarvan "Meneer Gro" himself met een grote houten roeispaan in ronddraaiende emmers ijs stond te draaien, afhankelijk van de voorraad in chocolade, vanille of aardbeiensmaak. Veel meer andere smaken waren er toen nog niet.

Dat was ook de zwakte van de Groko, want toen Alkemade (van de Nortgho) halverwege de Hoofdstraat met zijn piepkleine ijswinkel "De Pinguin"  begon beconcurreerde hij – met veel succes – de Groko juist op het aantal smaken (zijn mokka met pindastukjes was toen nog erg nieuw en tegelijk een onverbiddelijke bestseller). Maar bij mijn weten bleef "Meneer Gro" roeien met de smaken die hij had.

Wie "meneer Gro" nu precies was weet ik niet. Misschien heette hij wel ‘De Groot’ of ‘Groeneveld’  Want "Mevrouw Ko" kende ik wel, die heette gewoon ‘Koelewijn’ van haar meisjesnaam, dat weet ik nog van mijn moeder die bij haar in de klas gezeten had. ‘Meneer Gro’ had bij niemand in de klas gezeten, of in ieder geval niet bij mijn ouders. ‘Groko’ was een samenstelling van 2 namen, zo simpel als wat. Maar het ijs werd steeds dunner: het softijs was in opmars bij Van Rooyen en bij Van den Berg, nog geen 50 meter verderop. En Alkemade zat in zijn Pinguin ook niet stil en vond steeds meer smaken uit. Kortom: de Groko moest eraan geloven en allengs werd het assortiment verder uitgebreid, eerst met koffie en fris en het zal wel niet geduurd hebben of er kwam nog ander eetbaars bij.

Daarmee kwam de Groko wel op het terrein van het belendende perceel van Leen’s Eethuis. Wat daar allemaal te krijgen was weet ik niet, simpelweg omdat ik daar nooit kwam. Mijn moeder zat bij de halve Groko in de klas, mijn vader kende Cees van Rooyen en Van den Berg (van ‘Gratje’ de Slager) en Alkemade. Maar ‘Leen’ kenden mijn ouders niet en er was dus – blijkbaar – ook geen reden om het kroost daar op ook maar iets te tracteren. Leen’s Eethuis, hoe bekend ook in Noordwijk, heeft zich nooit op mijn klandizie kunnen beroemen (waarschijnlijk meer tot mijn dan tot zijn spijt). Maar de Groko dus wel (en Van Rooyen ook en Van den Berg ook en Alkemade en zijn Pinguin ook. O Alkemade!)