Blijkbaar hield Nederland er in de Eerste Wereldoorlog Duitse krijgsgevangenen er op na, maar moesten ze vanwege allerhande neutraliteitspolitiek anders heten: het waren geïnterneerden, ingezetenen van een oorlogvoerende natie die zich toevallig in een ander land bevonden en daar dan maar gemakshalve onder ‘huisarrest’ werden geplaatst. Of was het anders? Waren het krijgers die even op adempauze mochten komen op een plek waar ze niet direct gevaar liepen en ook nog eens frisse zeelucht konden inademen? Misschien lijkt het daar meer op.

In Noordwijk bestond blijkbaar in de Eerste Wereldoorlog een zgn. ‘Malteserheim’, een oord gehuurd door of in eigendom van het Duitse Rode Kruis. Letterlijk heette het "Malteserheim RH.W. (Rheinlands-Westphälische?)  Malteser Genossenschaft für Deutsche internierte Offiziere." Het was ondergebracht in Haus Briesen, maar wat dat nu weer voor huis was, weet ik niet, laat staan dat ik weet waar het überhaupt stond. En het blijft een beetje intrigerend, die Duitse officieren die middenin de Grote Oorlog daar een beetje in Noordwijk samenscholen, gewond of niet, geïnterneerd of niet, gelukkig of niet. Dat laatste weten we ook al niet zeker. Bijgaande brief van één van die officieren (Luitenant Richel?)  is niet in mijn bezit en aan wie die gestuurd is kan ik ook niet ontcijferen. Hij is op 18 juni 1918 in Noordwijk afgestempeld en blijkens een stempel op de achterkant op 21 juni 1918 in grensplaats Emmerich aangekomen (hij ging per expresse, maar er zal ongetwijfeld oponthoud zijn opgetreden in het ‘niemandsland’ tussen het neutrale koninkrijk Nederland en het oorlogvoerende keizerrijk Duitsland. Vanuit Emmerich zal de brief zijn weg verder Duitsland in gevonden hebben, de oorlog ging nog 5 maanden door.