taartjes

Bakker H. van der Werf stond er lelijk op: hij had voor zijn gebakjes de woekerprijs van 35 centen gevraagd en dat was verboden (want gebakjes en koeken hadden een vaste prijs blijkbaar, die lager lag dan die 35 centen). Hij werd ook nog beboet, omdat hij geen receptenboek in bezit had (een goede bakker heeft natuurflijk helemaal geen receptenboek nodig).

Caféhouders werden eveneens beboet, omdat ze de gebakjes van Van der Werf met winst hadden doorverkocht (wie was C.H.?) of omdat ze spritsen voor het dubbele van de prijs hadden verkocht (wie was C.v.R.?)