kranuig

Badman (‘eigenlijk ‘badmeester’)  Pieter Bedijn – het is een verhaal dat nog steeds geldt – stond (mede)  aan de wieg van Noordwijk als badplaats in 1866. Hij moet toen samen met de eerste badkoetsen op het strand verschenen zijn. Hij zou het meer dan 40 jaar uithouden (en overigens ook mede aan de wieg staan van de zgn. strandkwestie) en hij leek op enig moment ook niet meer van het strand weg te sláán.

Enfin. Op 21 augustus 1906 mocht-ie zijn veertig jarig jubileum vieren en hij deed dat met een klein feestje, waarop hij werd toegesproken en in de bloemetjes werd gezet. In het feestcomité zaten niet de minsten: de burgemeester en de Leidse (maar in Noordwijk residerende) hoogleraar vaderlandse geschiedenis, professor Blok maakten er deel van uit. En hij kwam met zijn hele handel en naam en toenaam ook nog eens feestelijk in de krant (welke weet ik niet). Een bedankje kon er dan ook wel vanaf:

bedijn1