
Kapelaan Hillen ‘stond’ niet zo heel lang in de parochie van Sint Jeroen, van 1957 tot 1960. Hij was de goedmoedigheid zelve (hij was Limburger van geboorte). Hillen had ook tropenjaren gekend in Frankrijk, waar hij naarstige pogingen had gedaan om katholieke Fransozen weer een beetje in de kerk te krijgen (Franse katholieken geloofden wel, maar niet in de kerk). Of hem dat gelukt is, weet ik niet, maar toen hij in 1957 in Noordwijk terecht kwam, moet dat voor hem het aards paradijs hebben betekend. De Jeroen kerk zat altijd vol.
Ik trad er vaak op als misdienaar in die tijd, ook als Hillen de mis las. Ik was altijd zeer geïntrigeerd door de pleisters die hij op de rug van zijn beide handen droeg. Ik veronderstelde dat hij onder die pleisters de stigmata van Christus verborg, maar wist dat niet zeker. De wikipedia schrijft over die stigmata:
Stigmata zijn rode plekken, zweren of al dan niet bloedende wonden die optreden bij christelijke religieuzen, op de plaatsen van de verwondingen die, volgens de Bijbel (en iconografie), werden toegebracht aan het lichaam van Jezus tijdens zijn kruisiging. Er zijn vele meldingen van gevallen waarbij mensen stigmata kregen aan handen en/of voeten. Sommigen denken dat gevallen van stigmata duiden op een wonder, terwijl ook gevallen van oplichterij bekend zijn. Het “ontvangen” van de stigmata wordt stigmatisatie genoemd. Soms wordt in plaats van het woord stigmata ook de term “kruiswonden” of “de wond(er)tekenen Gods” gebruikt.
Ik weet niet zeker of kapelaan Hillen met de stigmata was begiftigd, maar het zal in zijn geval geen oplichterij zijn geweest. Als Hillen als gestigmatiseerd was, dan moet het om een wonder zijn gegaan en moet hij een beetje heilig zijn geweest. Dat geloofde ik in ieder geval wel.

pater pio….bekendste met stigma,…
https://nl.wikipedia.org/wiki/Pater_Pio