
Het Calisplein was in 1909 al compleet ontloken als centrum voor het opkomend toerisme. De middenstand had het toerisme ontdekt en probeerde hen met wervende reclames – soms in het Duits! – op mooi geschilderde uithangborden naar binnen te lokken: van links naar rechts ontwaren we het proeflokaal in hotel Konijnenburg, de boekhandel van A. Dorsman, de tabakshandel ‘Veni, Vidi, Vici’ (toen al van Leendert de Rave?), een winkeltje waar men Früchte und Blumen verkocht en de lunch- en tearoom van bakker Van der Werf (in hetzelfde pand bevond zich ook een depôt van Herman Hartevelt, wijnkoper te Leiden). Daarnaast had je nóg een fruitwinkeltje, door een dyslectische reclameschilder beklad met de woorden ‘Obts (sic!) aus Westland’. Het rijtje eindigt met een filiaal van Coiffeur G. Heijden.
Kortom, een commerciële drukte van belang!

Helemaal niet verkeerd, dat ziet er verdomde gezellig uit!
Kunnen we hedendaags nog wat van leren.