Wat die man daar op de ladder precies staat te doen is niet geheel duidelijk: het houtwerk van de veranda op te schilderen?
“Pension Rembrandt”, ik wist aanvankelijk niet waar het ooit gestaan heeft. Maar het staat nog stééds, zij het in ietwat gemodificeerde vormen: uit Pension Rembrandt rees Pension Opduin. Vergelijk de begane grond van Opduin met het oorspronkelijke Rembrandt en je ziet het terstond.
Alles aan de Rembrandtweg natuurlijk. Dat spreekt voor zich.


Voor dat het Opduin hete was het Pension Noordwijk
Je had ook hotel Rembrandt. Van dezelfde eigenaar als het vroegere Palace Hotel.
Na pension Rembrandt heette het pension Doncker, (eigenaar dhr. Doncker uit Rotterdam). Na enkele weken leeg te hebben gestaan brak er brand uit. Het blussen was een lachertje.
Twee uur na het uitbreken van den brand, gaf de brandspuit een zwak straaltje water. “er valt heel wat te verbeteren aan onze bluschmiddelen en dat de geoefendheid der mannen zeer veel te wenschen overlaat, valt niet te ontkennen”.
Leidsch Dagblad, 10 nov. 1913, pag. 1 en 2.
Ook nog Pension Antonio. Het was een mengelmoes dat pension de ene kant Rembrandt andere kant Antonio.
En ook nog een andere naam, zoek ik nog uit.
De man op het ‘laddertje’ staat vermoedelijk het glas van de lantaarn schoon te poetsen.
De ladder is duidelijk veel te lang voor de lantaarn, waardoor die veel te scheef staat.
In die tijd geen ARBO en ook geen schuifladders.