In het Jaarboekje 1912 van de Vereeniging Oud-Leiden maakt de grote Noordwijksche historicus en warme bakker J. Kloos gewag van een vreselijke ramp die het Noordwijks cultureel erfgoed werd aangedaan. Het Bestuur van de Hervormde Kerk in Noordwijk-Binnen was op enigerlei manier op de onzalige gedachte gekomen om een heel archief aan officiële kerkbescheiden uit drie eeuwen over de schutting te gooien, meer in het bijzonder in de fik te steken.
Je kunt je voorstellen dat zo’n geschiedvorser als Kloos door verontwaardiging en somberte overvallen moet zijn geweest, maar niettemin schrijft hij het allemaal niet zonder een vleugje humor op:
Het is geen ongemotiveerde daad geweest van de Synode der Ned. Hervormde kerk bij den aanvang der 20ste eeuw, om den Kerkeraden en Kerkvoogden met ernst op te dragen de archiefstukken hunner kerk voortaan zorgvuldig te bewaren, ten einde voor historie en in rechten tot bron en tot bewijs te dienen. In vele gemeenten is aan de bewaring der kerkelijke stukken zeer slecht de hand gehouden en zijn vele belangrijke rekeningen en andere bescheiden, omdat die door de kerkvoogden toch niet meer te lezen waren en men plaatsgebrek kreeg voor nieuwe stukken, doodeenvoudig ten vure gedoemd. Zoo ook te Noordwijk-Binnen. Daar heeft men “eventjes” in het midden der 19e eeuw nagenoeg alle rekeningen der kerk, van de 16e tot de 18e eeuw, in kruiwagens uit de consistorie naar de droogovens getransporteerd van de firma P. Groeneveld & Zoon en als een ”zoodje ouwe rommel” aan Vulkanus opgeofferd, tot drooging van medicinale kruiden!

