Weer twee opnamen – met dank aan Li-st – die kort na elkaar genomen zijn. Dit keer van de hoek Wilhelminastraat/Molenstraat met centraal daarop het pand van sigarenmagazijn Jac. Vink. Tegen de gevel van het pand staat hetzelfde kinderfietsje en dat zal er toch niet dagenlang hebben gestaan. Jammer is dat we aan de Caballero-klok in de etalage de tijden niet kunnen aflezen, anders hadden we de fotograaf helemaal betrapt. Mais soit.
In het winkelpand had Jac. Vink een nering in tabakswaren en aanverwante artikelen. Volgens mij heette Vink officieel ‘Jac’ tenminste. Maar in de praktijk werd hij altijd ‘Jaap’ genoemd. Een bijzonder aardige man, altijd in voor een praatje en porties vol ingehouden humor. Ik kwam er iedere vrijdag in lunchtijd om bij hem de voetbaltoto van mijn vader in te leveren. Dan plakte hij met behulp van een vochtig schuimrubber kussentje de banderollen op het formulier en gaf je het onderste gedeelte terug.
Meestal moest ik ook een doosje sigaren (Willem II Numa) voor mijn vader meenemen. Jaap deed er altijd een gebroken of lekke bolknak bij voor mijn grootvader: niet om die nog eens op te steken, maar om op te kauwen. Opa was gek op pruimen en de bolknakken van Jaap gingen er bij hem altijd goed in.
In de voetbaltoto won mijn vader nooit een prijs.



Het uitgeleefde pand (er woonden 8 of 9 mensen uit Polen in) staat nu te koop.