De tram had een eigenaardige ruitenwisser: hij zwiepte niet van links naar rechts, maar draaide rond. Volgens mij moest het niet te hard plenzen, anders werd zo’n trambestuurder helemaal tureluurs en radeloos gek van zo’n draaibeweging vlak voor je ogen. De wagenvoerder op de foto staat er al wat glazig en wazig bij (en dan is er nog geen druppel gevallen).
Blo5309: Ruitenwisser


blauw was de tram en lang was de rails en groot was zijn amusement.
een conducteur in het zwart met zilveren blik op zijn buik .
een kniptang en een fluit.
verliefden namen afscheid voor terminus.vroeg aan mijn moeder wat ze doen.
als kind zie je het anders.
ze hangen aan hun liefde.
ze waren soldaat of zeevarend.
het moet voor lang zijn geweest. ze kleefde zei mijn broertje.
ze komen niet meer weerom misschien.
piepend krakend door de bochten slingerend door de wissels.
sentimenten naar het houten ornament en het victoriaanse licht.
de tram begon nergens en eindigde nergens alleen op grootte hoogten.
kende je begrijpen de mensen van alle pluimage in een blikken trommel.
je zat te sluimeren op de bewegingen in de ruimte met minimaal afval.
stadslichten en zakelijke transporten.
geen plaats voor beginners of gevoelige harten.
sentimenten aan toeval overgelaten per enkeltje.
geen plaats te eindigen maar ergens te beginnen.
van kust tot kust.
smelt al uw herinneringen en veranderingen in goud.
de tram had geen ogen volgde alleen het spoor.
wagenvoerder aan het stang dat draaide.
een fluit flitsende vonken in de bovenleiding.
t was een crime toen je uit stapte en de andere week reed een walmende stinkende bus.
waar is de tram boven aan de grend en in de zeevlam op de zuid route hoor je vaag de toeter en de bel voor de laatste ronde.
de verliefden staan nog steeds in hoop te wachten.
t is een crime de units te zien branden op een verlaten aftakkend spoor.
hoe ver zijn ze heen.
breng terug de blauwe tram aan de kust.
was t een crime.
Dat met die tramruitenwisser was niet zo dramatisch. Het ding had nl. handbediening. Het hendel aan de binnenkant stond precies achter het blad aan de buitenkant. De trambestuurder gaf hem net zo ver een zwieper als hij zelf nodig vond. Er was dus geen kans op tureluurs worden of stapelgek.