Einstein2
Paul Ehrenfest sr. en Paul Ehrenfest jr. en Albert Einstein aan de Witte Rozenstraat 57 in Leiden

 De grote natuurkundige Paul Ehrenfest werd geboren in Wenen in 1880. Hoewel zijn Joodse ouders niet al te religieus waren werd hij onderwezen in het Hebreeuws en in de geschiedenis van het Joodse volk. Hij studeerde in Wenen en  Göttingen. Na zijn promotie huwde hij op 24 december 1904 met de in Oekraïne geboren en in Rusland opgeleide wiskundige Tatjana Afanasjeva (1876-1964), die hij tijdens zijn studie in Göttingen had leren kennen. In 1907 verhuisde het echtpaar naar Sint-Petersburg, waar hij echter geen vaste aanstelling kon krijgen. Begin jaren 1912 reisde hij daarom langs Duitstalige universiteiten op zoek naar een baan. In Berlijn bezocht hij o.a. Max Planck, maar ondanks zijn inmiddels al gevestigde naam en zijn gerespecteerde werk slaagde hij er niet in een baan als privaatdocent te verkrijgen.

In 1912 kwam Ehrenfest als opvolger van Hendrik Lorentz te werken aan de Rijksuniversiteit Leiden. Daar heeft hij mede door zijn enthousiasme een grote school gevormd, waartoe onder meer de natuurkundigen Johannes Burgers, Hendrik Casimir, Dirk Coster, Samuel Goudsmit, Hendrik Kramers maar ook de natuurkundige en econoom Jan Tinbergen behoorden. Ehrenfest was ook bevriend met de beroemde natuurkundigen Albert Einstein en Niels Bohr. In 1919 werd hij benoemd tot lid van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen (KNAW). De jonge Robert Oppenheimer (“De Vader van de Atoombom”) verbleef in Leiden om onder andere met Ehrenfest over het vak te discussiëren, waartoe hij zelfs Nederlands leerde.

De laatste jaren van zijn leven leed Paul Ehrenfest aan depressiviteit. Men zegt wel dat hij de grip was kwijtgeraakt op de stormachtige ontwikkelingen binnen de theoretische natuurkunde, met name door de opkomst van de kwantumfysica, maar er waren ook ander problemen die hem zeer dwars zaten. Zijn huwelijk met Tatjana was op de klippen gelopen en zijn salaris was flink gekort onder invloed van de economische crisis. En het allerzwaarst telde zijn zoon Wassik, die leed aan het syndroom van Dow en dringend verpleging nodig had. Die verpleging kon uiteindelijk geregeld worden in de Berghstichting in Noordwijk, maar zover zou het allemaal niet meer komen. Een lang citaat uit het essay van Dirk van Delft  (“De Laatste Jaren van Paul Ehrenfest”, in: “Ratio en Emotie, Verwoord en Verbeeld”, Willem Otterspeer (ed.), Leiden University Press, 2011):

ehrenfest1

PM Ehrenfest woonde jarenlang aan de Witte Rozenstraat 57 in Leiden, een villa die door zijn vrouw Tatjana ontworpen was. Er was een logeerkamer waar o.m. Albert Einstein, Niels Bohr en Winston Churchill te gast waren. Iedereen die hier  logeerde zette zijn of haar handtekening op de muur. Die ‘handtekeningenmuur’ is er nog steeds. In mijn eigen Leidse tijd was Witte Rozenstraat 57 een meisjesstudentenhuis, waar ook wel eens jongens kwamen. Ik heb de ‘hanttekeningenmuur’ daar met eigen ogen kunnen aanschouwen, maar jammer genoeg  nooit kunnen aanvullen met mijn eigen signatuur (er hing trouwens een stevige glasplaat voor).