walvis

Kortgeleden maakte bultrug ‘Johannes’ furore met zijn stranding op de Razende Bol. Met man en macht werd gepoogd het beest weer zeewaarts te trekken, maar dat lukte niet en het dier stierf tot verdriet (en boosheid)  van velen.

Maar Johannes was niet de enige walvis die strandde op de Hollandsche kusten. Tussen 1521 en het einde van de zeventiende eeuw – zo meldde de NRC onlangs – strandden  zeker veertig walvissen op de stranden. Niet onlogisch in de Noordzee, waar een verdwaalde walvis al gauw te maken heeft met modderig zand en een oplopende, ondiepe bodem. Ook in Noordwijk was het wel een paar keer raak.

Deze kopergravure van Cornelis van Kittensteyn (1598-1652) toont een in Noordwijk aan lager wal geraakte walvis (potvis? bultrug?). De ets dateert van 1629, maar dat wil niet zeggen dat het beest toén ophield met zwemmen. Bij gebrek aan fotografie maakten kunstenaars vaak afbeeldingen van afbeeldingen en daarmee deden ze de precieze tijdmeting wel enig geweld aan. In ieder geval is bekend dat in 1616 een potvis in Noordwijk aan land kwam, tot schrik van vele Noordwijkers, want zo’n gebeurtenis werd algemeen beschouwd als een (onheilspellend)  teken van God.

De drukte op het strand is enorm. Dat was met die arme Johannes wel anders: hij lag nog niet of er werd testond een ‘omgevingsverbod’ afgekondigd door een overijverige burgemeester, die verders ook niet kon voorkomen dat het dier daar in ondiep water zijn laatste adem uitstootte. De vroede vadren van Noordwijk gingen daar  liberaler mee om en hadden van een omgevingsverbod nog nooit gehoord.