Door een verhaal van de onovertroffen Kees Verweij in “De Noordwijker” word ik geattendeerd op het restant van een oude brug, dat in het dorpsbeeld is achtergebleven. Het is een brugleuning van de oude brug die over de toenmalige Woensdagse Wetering geslagen was, ergens halverwege de Pickéstraat, vlak voor de splitsing met de Vinkenlaan. Ik ben er in mijn-lang-zal-ze-leven altijd stief aan voorbij gelopen, me niet realiserend dat dat ding er stond en waarom.

Want dat moet onduidelijk geweest zijn: waarom het ding daar überhaupt zo nutteloos is blijven staan.  Waarschijnlijk waren veiligheidsoverwegingen aan de orde, want naast de stoep is een verlaging zichtbaar en het diende mooi om eventueel struikelende Noordwijkers te redden van een ongelukkige val. Het heeft ook wel iets monumentaals, om zo’n historisch reliek te handhaven. Dat had men in Noordwijk wel vaker mogen doen.