Binnenkort – op drie oktober – herdenken Leidenaren dat ze 438 jaar geleden bevrijd werden van het juk der Spanjool. Op die dag kwam en einde aan een lang beleg van de stad, waardoor de stad en haar bewoners langzaamaan uitgeput raakten door gebrek aan gezonde voedingsstoffen en een beetje frisse wind.

Dit monument herdenkt de 350e verjaardag van Leiden’s Ontzet op 3 oktober 1924. Op die dag werd dit monument, op de hoek van Geregracht en Plantsoen in Leiden, onthuld door Koningin Wilhelmina. Het monument draagt de beeltenissen van drie grote helden uit de Leidse geschiedenis rond het Ontzet: Prins Willem van Oranje, Jan van Hout, Jan van der Does, oftwel Janus Dousa en Louis Boisot.

Willem van Oranje (Slot Dillenburg, 24 april 1533 — Delft, 10 juli 1584) behoeft weinig verdere introductie. Hij was Prins van Oranje, Vader des Vaderlands, revolutionair (hij kwam met de Noordelijke Nederlanden in opstand tegen de Spaanse overheersing) en stamvader van het huidige Huis van Oranje.

Jan van Hout (Leiden, 14 december 1542 – aldaar, 12 december 1609) was auteur, notaris en stadssecretaris van Leiden. Lodewijk van Boissot of Louis Boissot (Brussel, 1530 – Oosterschelde, 27 mei 1576) was van adellijke afkomst (uit de Zuidelijke Nederlanden) en werd vooral bekend als admiraal van de Zeeuwse geuzenvloot tijdens de Tachtigjarige Oorlog.

En last but not least: Janus Dousa, of in gewoon Noordwijks: Jan van der Does (Noordwijk, 5 december 1545 – aldaar, 8 oktober 1604), Heer van Noordwijk,  humanist, dichter, filoloog, bestuurder en bibliothecaris van de Universiteit Leiden en vooral: bevelhebber tijdens het Beleg van Leiden. Een Noordwijker vereeuwigd op een wat verborgen monument in een wat verborgen plantsoen.

In het straatnamenverhaal van de gemeente Leiden kregen Van Hout en Boissot allebei een kade toebedeeld. Jan van der Does moest het doen met een straat, de Dousastraat, overigens niet de minste in het Leidse stratenplan.

Ik heb als Noordwijker en halve Leidenaar vaak meegedaan met de festiviteiten op 3 oktober, een hele dag feesten, kermis, vuurwerk en vooral veel bier. Een trekharmonicaorkestje met een oudere zangeres die alleen maar vals zong in een café aan de Steenstraat.  Leidse vrouwen van middelbare leeftijd die met elkaar dansten en achter iedere student aanjoegen die de tent binnenkwam. Het meubilair van Café Tettero op de Haarlemmerstraat dat vanaf 12 uur ’s middags om het uur naar buiten vloog in wilde vechtpartijen die om het uur uitbraken. De Stationsweg, waar je jezelf later op de avond door een vette walm van shoarma, haring, kroketten, braadworsten, patat en verschraald bier heen moest snijden. Twee borden hutspot die zwaar op de maag drukten. Kermis en vuurwerk op het Schuttersveld.

Janus Dousa forever. Ik heb zin om woensdag weer naar Leiden te gaan.