Het komt uit tijdschrift “Het Leven” van 11 augustus 1923. De afdruk is slecht, maar het bijgeleverde proza is onnavolgbaar. Er wordt gesproken over een ‘sukkel-tram’, de ‘mooien’ zeskantige toren van Noordzee en over een door ons al lang vergeten begrip als ‘landouw’ (= streek of omgeving). Maar vervolgens gaat de auteur deerlijk de mist in, als hij schrijft over ‘miljoenen slakroppen en even zooveel bloemkoolen’ die nauwelijks iets kosten. Geen woord over tulpen en hyacinthen, blijkbaar wordt verondersteld dat Noordwijk middenin het Westland ligt, of dat Noordwijkers een soort Rijnsburgers of Katwijkbinders zijn.

Wellicht ten overvloede (en ter geruststelling): dat is allemaal niet het geval.