“We wilden de zee terugdringen. Maar de zee laat zich niet terugdringen.”(Hans Klinkenberg)

Ik schreef een paar dagen geleden nog optimistisch over het nieuwe strandseizoen in Noordwijk en over de zegeningen van de permanente strandtenthouders, die hun nering deze winter voor de poorten van de hel (voor de golven van de zee)  hadden kunnen wegslepen. Maar dat was relatief. Nu de stormen zijn gaan liggen, blijkt het strand van Noordwijk veuls te smal te zijn. Het strand wordt ook bij stil weer opgevreten door de zee en de permanente strandtenthouders moeten ook in de zomer al voor hun nering gaan vrezen.

Nu kan je zeggen dat het eigen-schuld-dikke-bult is (“Hadden ze maar niet op de uiterwaarden moeten bouwen.”), maar dat is tekort door de bocht. Er moet weer met zandsuppletie worden gewerkt (hoe komt het toch dat dat vroeger in mijn tijd nooit hoefde?). Of er moet een zandmotor komen, net zoals tussen Monster en Kijkduin.

Ik was afgelopen zondag op die zandmotor: geweldige gimmick, geweldige vlakte ook. Surrealistische ervaring bijna. Alleen mag je 400 meter ten noorden en 400 meter ten zuiden van die zandmotor niet zwemmen: te gevaarlijke stromingen.

Schiet je ook weer niks mee op.