
Naar verluidt was ze van haar leven nog nooit in Noordwijk geweest, maar op 16 april 1914 liep ze doodgemoedereerd en onaangekondigd langs de Oude Zeeweg naar de Noord-Boulevard en vandaar weer naar de Koepelweg. Van daaraf bekeek ze de bloeiende bollenvelden en blijkbaar maakten die zoveel indruk dat ze een dag later met koningin-moeder Emma terugkeerde en op zaterdag nog eens een keer met eega Prins Hendrik. Volgens de krant schreef J. Kloos al bij de eerste gelegenheid ‘een niet onverdienstelijk vers’ (dat dus wel tenenkrommend geweest zal zijn), maar toen moest ze dus nog twee keer terugkomen.
Zo komt ze nooit, zo is ze niet meer weg te slaan.
Ik heb Wilhelmina nooit in leven meegemaakt. Wel heb ik als kind ooit langs de straten moeten staan met een vlaggetje, wachtend op koningin Juliana in dit geval. Op het moment suprême kwam die onzichtbaar hard voorbijsnellen en wij kinderen konden aangedaan en gefrustreerd weer naar school. In 1914 werd – blijkens bericht in het leidsch Dagblad – tenminste nog één Noordwijks kind vrindelijk toegewuifd door een majesteit. In mijn tijd keurde HM ons geen royaal oog waardig.
Terug 23: Wilhelmina en het Royale Oog
