Noordwijk  aan Zee (of ‘Noordwijk-Buiten’ zo werd het ook wel eens genoemd) werd in de tweede helft van de 19e eeuw langzaam omgetoverd van een naar binnen gekeerde vissersplaats tot een badplaats die in allure Scheveningen naar de kroon stak.
 
Op een bepaald moment moet ere en omslag zijn geweest. Veelal spreekt men in dat verband van het jaar 1866 als burgemeester Pické aantreedt en daadwerkelijk de ontwikkeling van Noordwijk ter hand neemt: een ontwikkelingsmaatschappij die wegen en huizen en hotels aanlegt (waaronder Huis ter Duin)  en een tramlijn naar Leiden.
 
Dit is een foto van de omslag: hier heeft een nog vervaarlijk 18e eeuws uitziende ‘badman’ die zo lijkt te zijn weggelopen uit de ‘Camera Obscura’ van Hilderbrand. Hij heet Piet en hij heeft zijn badkoets vóór de bomschuiten neergezet en daarmee de visserij definitief naar de achtergrond gedrongen.  Vanaf nu staat ‘Bad Noordwijk’ op de voorgrond.
 
De badvrouw telt blijkbaar niet mee, want die blijft naamloos.