Op de dag dat dit land zijn volksvertegenwoordiging kiest voor – hopelijk – de komende vier jaar, bedenk ik dat er nauwelijks Noordwijkers zijn geweest die in de Tweede Kamer zitting hebben gehad. Als ik alleen in dit blog de antwoorden probeer te vinden op de vraag óf, en zo ja, hoevéél Noordwijkers daadwerkelijk Kamerlid zijn geweest, kom ik tot 3 personen: 

  • Franciscus Anthonius Moerel, oud-leraar aan de RK Jongensschool in Noordwijk-Binnen kwam in 1922 in de Kamer, maar stierf al binnen een jaar. Naar verluidt heeft hij één keer het woord gevoerd.
  • Datzelfde gold voor de latere burgemeester van Noordwijk, jhr. Jan Hendrik Jacob Quarles van Ufford. Die kwam bij tussentijdse verkiezingen in februari 1897 de Kamer binnendrijven, maar werd er enkele maanden later bij échte verkiezingen weer even gemakkelijk uitgejaagd.
  • Tenslotte was er nog Jaap Le Poole, die voor de SDAP/PVDA kort in de Kamer kwam van 1945 tot 1948, tot ‘kroonprins van de socialisten’ werd benoemd en dus onmiddellijk de gortepap in ging.

Niet veel aanknopingspunten dus. Eéntje misschien: in augustus 1916 vertoefde premier Pieter Wilhelm Adriaan Cort van der Linden met zijn vrouw enkele dagen in Noordwijk op vakantie. Hij was de laatste liberale premier van Nederland. Vanavond – Job verhoede het – is hij die titel misschien kwijt. Alleen daarom al moet het socialisme vanavond zegevieren.