De Bazooka’s en de zeekaak (beiden 2 voor 5 cent) kochten we meestal bij Beuk op de hoek van de Kerkstraat en de Bronckhorststraat. Maar de drop en de toverballenballen bij Kapel aan de overkant. Die had een heuse zelfbediening en daar kon je alle lekkernij zelf uitzoeken. Om deze Kapel van andere Kapellen te onderscheiden was deze begiftigd met de bijnaam ‘Vlinder’. Niemand wist hoe die aan die naam kwam.

 

Voor ons telde het allemaal niet. Wij hadden wel wat beters te doen: overal lege flessen verzamelen, statiegeld innen en bij Kapel aan de bak. Zo ging het altijd. En alleen dát telde.