Als iets verdwijnt, is het maar beter dat het helemaal verdwijnt. Geen sporen meer achterlaat. Het lijkt erop dat het Zinger Hotel van de aardbodem is weggevaagd en dat er de plek verder is overwoekerd met gras en helm en onkruid. Niemand zou zich op deze plek nog en voorstelling kunnen maken van een hotel.
 
Ik wel: ik herken de trap naar het terras. En ik zie het hotel weer voor mij in zijn eerste glorie, ergens in 1962, met een trotse Cees de Zinger van het Wantveld die het had laten bouwen. Door de firma Klein-Gunnewiek van Noordwijk-Binnen. Ook dat weet ik nog: ik reed in de vakanties met zoon Klein-Gunnewiek mee naar de bouwplaats, waar we speelden in de ruwe betonnen opbouw en in de nog kale zaal van het restaurant.
 
Alleen die trap ligt er nog: het hotel is weg, de oude De Zinger is weg én de oude Klein-Gunnewiek.  De spelende kinderen ook. Binnen 47 jaar was het hier kaal en dor, stond er een prachtig hotel en was het weer kaal en dor. 
 
 
  
(met dank aan Klaas).