Burgemeester Bonnike van Noordwijk was in al zijn nuchterheid niet te vermurwen.  Die Freddy Heineken kon de pot op met zijn waakhonden. Een man die schatstinkendrijk genoemd mocht worden, probeerde met een smoes de hondenbelasting met 60 gulden naar beneden te krijgen.  
 
Hoewel ‘smoes’: indachtig latere gebeurtenissen die Heineken overkwamen, was het helemaal niet zo gek dat hij tenminste één waakhond had.  In zijn positie had ik alle  honden als ‘waakhond’ geklassifiseerd.
 
Bonnike hield vast aan de letters van de wet. Ook toen een andere geheelhouder begon te piepen (de Nieuwe Leidsche Courant vermeldt het met smaak): Jonkheer A.W.G. van Riemsdijk, president-directeur van de Bols-geneverfabrieken viel Heineken – als een heuse kopstoot – bij. Bonnike ging niet om. De letters van de wet waren nu eenmaal heiliger dan alle sterke drank van de hele wereld.
 
Heineken betaalde – hik – het volle pond voor iedere hond.