foto
Ogenschijnlijk gaat het om twee verschillende berichten. Op 5 november 1886 kondigen Burgemeester en Wethouders van Noordwijk de aanbesteding aan van een nieuw Raadhuis in Noordwijk-Binnen. Inlichtingen waren te verkrijgen bij Nicolaas Molenaar, de ontwerper van het nieuw te bouwen gemeentepand. De eerste steen zou uiteindelijk in april 1887 worden gelegd. De bouw ervan, en vooral de bouw van een replica ervan in Woerden zou nog flink wat stof doen opwaaien in bouwkundige kring in Nederland, maar dat is nu niet aan de orde.  

Het andere bericht komt uit de krant van 23 augustus 1893 en betreft een klacht van een Noordwijkse burger tegen vermeende discriminatie van de
Noordwijksche stoomtram t.o.v. de Katwijksche. Nu zat er wel meer naijver tussen Noordwijkers en Katwijkers, maar hier ging het niet alleen om gedoe tussen het ene dorp en het andere. Het ging er ook nog eens om dat 2e rangs Noordwijkse ingezetenen – in tegenstelling tot 2e rangs Katwijkse – hun wagen moesten delen met 3e rangs Noordwijkse burgers. Ook was de eis om doorgaande rijtuigen in te zetten naar leiden, zodat dce Noordwijkers niet ook nog eens in Rijnsburg moesten overstappen (en hun wagens moesten del;en met Katwijkers!). Met de tarieven was het ook allemaal niet goed geregeld, kortom, genoeg sores voor een stuk in de krant.  

Het zijn beide betrekkelijk nietszeggende verhalen en ze vertonen onderling weinig samenhang.  Het verband moet anders worden gelegd: op 5 november 1886 werd mijn grootvader geboren in de Bronckhorststraat in Noordwijk-Binnen. Op 23 augustus 1893 werd mijn grootmoeder geboren in de Douzastraat in Noordwijk-Binnen. Ze trouwden op 17 november 1918 (grootvader was koud gedemobiliseerd) en daarmee smeedden ze niet alleen elkaar, maar ook deze twee verhalen uiteindelijk aaneen.