foto  Misschien wel zonder het te beseffen legde J. Braakman met deze plaat een historische fase vast in de ontwikkeling van Noordwijk van visserplaats naar badplaats. Het strand ligt nog vol met bomschuiten, maar inmiddels staan er ook badkoetsjes en een nog beperkt assortiment strandstoelen.

Enkele badgasten baden pootje. Het duin en het stukje toekomstige boulevard liggen er netjes aangeharkt bij.

De badkoetsjes staan opgesteld als een stormram die de bomschuiten wel snel van het strand zal weg rossen. Voorgoed. Van de visserij zal niet veel overblijven in Noordwijk, een anderhalve verdwaalde visboer op de kop van de Hoofdstraat of in de Molenstraat in Binnen daargelaten.

Noordwijk zou verder uitgroeien tot een mondaine badplaats, chic en voornaam. Van binnenuit heb ik dat zelf nooit zo sterk ervaren, maar het wordt nog steeds gezegd en geschreven. En als dat zo is, dan is dat hier begonnen: op het strand beneden  Huis ter Duin, waar de eerste strandstoelen kwamen en daarnaast bij Willem van Konijnenburg vóór op het strand waar de koetsjes kwamen.

De bomschuiten werden van het strand getorpedeerd met dezelfde schoten die de Nieuwe Tijd aankondigden.