Als je tegenwoordig een kaartje voor een sportwedstrijd wilt kopen, moet je erg je best doen om er op tijd aan te komen. Grote internationale evenementen lijken al helemaal ontoegankelijk: hoe koop je een kaartje voor de finale 100 meter tijdens de Olympische Spelen in Peking (als je daar al naar toe wilt)? En een kaartje voor ADO tegen Go Ahead Eagles is nog wel te koop bij de sigarenboer, maar dan moet je al wel in het bezit zijn van een clubkaart en als het een risicowedstrijd is kom je met meer dan 2 kaartjes niet weg.
Als je naar het ABN-AMRO-toernooi in Rotterdam wilt, moet je zo ongeveer een rekening bij die bank hebben lopen (en dan moet het saldo ook nog positief zijn). En dan kun je voor veel te veel geld misschien toegang krijgen tot een duffe middagsessie in Ahoy waar tennissers lusteloos hun partijtje spelen. Een Davis Cup wedstrijd vergt waarschijnlijk het actieve lidmaatschap van een tennisvereniging, dan wel van de KNLTB.
Vroeger niet. Vroeger kocht je een kaartje voor een Davis Cupwedstrijd gewoon bij de fotowinkel op de hoek, bijna aan de poort van het stadion. Geen vragen naar kaarten, lidmaatschappen of positieve banksaldo’s. Binnenlopen, cash betalen, de straat oversteken en een plaatsje in de zon vinden. Game, set and match.

mensen zouden er goed aan doen aan deze vaststellingen conclusies te trekken en een andere liefhebberij of sport te gaan zoeken om zich weer ontspannen te vermaken…