
“Vijf jaar geleden was ze hier komen wonen, deze eenzaamheid, deze saaiheid had ze voorzien. Ze hield niet van de badplaats, waar een uitgebeten licht in de straten hing, ze hield niet van haar huis dat samen met een paar andere boven aan een stenen trap tegenover de watertoren stond – in de duinen wezen de brem en de duinroos één kant op, landinwaarts, de ramen waren mat, zout en vocht, knijp altijd je ogen een beetje dicht als je boven bent, in de wind zit zand ………” (Margriet de Moor: Variations Pathetiques)

Mooi taalgebruik, zij het van een ander.