Als we het hebben over "Noordwijks Glorie" dan hebben we het niet alleen over dahlia’s, maar ook over andere bloemen (en trouwens niet alleen over bloemen). We spreken ook over een volledig gestamboekte narcis met die naam. Deze Glorie was in 1902 gekweekt door de firma J.de Groot en Zonen. Een Noordwijks bedrijf, naar alle waarschijnlijkheid, want een kweker uit Noordwijkerhout of uit Sassenheim zal zijn boreling niet ‘Noordwijks" Glorie noemen. J. de Groot en Zonen brachten de genen samen van 2 andere narcissen, Madame de Graaff en Victoria (vraag me niet naar de biologische verantwoording van de kruising van twee vrouwennamen, maar het gaat uiteindelijk om het samenbrengen van het zaad van de één met de stek van een ander). Madame de Graaff was pas 15 jaar toen zij haar boreling kreeg (‘seed parent’ heette ze), want zij zelve was in 1887 door De Graaff Bros (aan de Schiestraat) gekweekt (en prompt naar de Vrouw des Huizes vernoemd). De knol waarop Noordwijks Glorie mocht opgroeien (‘pollen parent’) was ene Victoria, in 1897 door ene M.Vos gekweekt.
De ‘American Daffodil Society’ heeft alle stambomen van alle narcissen zo op internet paraat. Verder zoeken in dit stamboek is geen probleem, maar ook niet relevant. Relevant is dat J. de Groot en Zonen hun narcis "Noordwijks Glorie" noemden terwijl er toch ook al een dahlia was met dezelfde naam. En om de zaken niet nodeloos ingewikkeld te maken is het verder nog relevant te vermelden dat er ook een tulp schijnt te zijn die onder dezelfde naam door het leven gaat. Het is een zgn. Triomf-Tulp, tot welke soort naast de Glorie van Noordwijk ook zulke exoten als Red Giant, Paris, Telescopium, Kansas en Elmus te rekenen zijn.

