
Hij was geboren op 3 mei 1870 in Katwijk aan Zee en hij was van 1890 tot 1895 onderwijzer aan de Roomsch-Katholieke Jongensschool aan de Zeestraat in Noordwijk-Binnen (die toen nog maar 1 verdieping telde). Franciscus Anthonius Moerel (kleine foto) moet in die tijd een van de weinige katholieken zijn geweest in Katwijk aan Zee, want de watergeuzen hebben daar goed huis gehouden. Zijn opleiding als onderwijzer heeft hij dan ook al in Noordwijk genoten. Na zijn Noordwijkse periode is hij nog kort onderwijzer in Hillegom, maar met ingang van het schooljaar 1895-1896 is hij hoofd van de RK Jongensschool in Oudewater.
Intussen is hij volop actief in het maatschappelijke en politieke leven. Hij vervult functies in de katholieke kieskringen in Oudewater en Leiden, hij is voorzitter van de Katholieke Sociale Actie in Oudewater en voorzitter van de ‘Federatie van Algemeene Diocesane Vereenigingen van Rooms-Katholieke Bijzondere Onderwijzers.’ Het legt hem geen windeieren. Op 25 juli 1922 wordt hij beëdigd als Lid van de tweede Kamer der Staten-Generaal, wat hij – tot zijn dood op 15 augustus 1923 – blijft. Hij voerde slechts één keer het woord bij gelegenheid van een wijziging van de Lager-Onderwijswet van 1920. Hij zat daar namens de Algemeene Bond van RK-Kiesverenigingen, die in 1926 werden samengevoegd tot de Roomsch-Katholieke Staatspartij, maar dat maakte Moerel dus niet meer mee.
In zijn Noordwijkse periode woonde Moerel in bij de hoofdonderwijzer van de RK Jongensschool, Hermanus Bernardus Jacobus Haanappel. Meester Haanappel (grote foto) werd geboren op 25 juli 1857 in Doesburg. Hij stierf in het harnas in Noordwijk – na een hevige ongesteldheid – op 21 juni 1916, 58 jaar oud. Haanappel was eerder hulponderwijzer en onderwijzer geweest in Eindhoven, Doesburg en Purmerend. In die laatstgenoemde plaats trouwde hij op 23 januari 1890 met Maria Schade die op 2 april 1867 was geboren in Purmerend. Zij overleed op 14 september 1942 in Overveen, maar werd twee dagen later al begraven in Noordwijk.
